ZZP-ers, stand van zaken;

Verduidelijking criterium ‘gezag’

Het kabinet boekt verdere voortgang met de uitwerking van de nieuwe wetgeving voor zelfstandig ondernemers en opdrachtgevers ter vervanging van de huidige Wet Dba (Wet deregulering beoordeling arbeidsrelaties). Zo is per 1 januari 2019 het criterium ‘gezagsverhouding’ verduidelijkt. Dit criterium speelt een belangrijke rol bij de vaststelling of iemand een loondienstverband heeft, ook in de situatie dat partijen dachten een overeenkomst van opdracht te sluiten als ZZP-er.

Aan het handboek Loonheffingen 2019 (Belastingdienst) is een bijlage ‘Beoordeling gezagsverhouding’ toegevoegd. Hierin zijn (contra)indicaties voor gezag en voorbeelden opgenomen ter verduidelijking van het gezagscriterium. Daarmee hebben opdrachtgevers en opdrachtnemers meer handvatten om te beoordelen of er sprake is van een gezagsrelatie en of er daadwerkelijk sprake is van zelfstandig ondernemerschap (een ZZP-er). In genoemde bijlage worden verscheidende elementen behandeld, zoals:

  • leiding en toezicht;
  • vergelijkbaarheid met eigen personeel;
  • de mate waarin de werkende onderdeel uitmaakt van de organisatie van de opdrachtgever.

Wel blijft het uitgangspunt dat alle feiten en omstandigheden van het individuele geval in onderlinge samenhang moeten worden gewogen.

Wat onze juridische afdeling onder meer voor u kan betekenen:

Zoals het kabinet zelf al aangeeft, is de wetgeving rond de vraag of er sprake is van een dienstbetrekking technisch en juridisch uiterst complex. Onze juridische afdeling is gespecialiseerd in het doen van deze beoordeling of sprake is van een zzp’er of een werknemer. Eventueel kunnen onze juristen (anoniem) contact opnemen met de Belastingdienst en u desgewenst begeleiden bij het opstellen van een overeenkomst.

Wilt u meer weten of advies? Neem contact op met Nanda Meijer – van Bergen (jurist).

Bron: Rijksoverheid.nl: Voortgang uitwerking maatregelen ‘werken als zelfstandige’

Bekijk ook