De grens ligt bij meer dan normaal vermogensbeheer
Worden de werkzaamheden naar aard en omvang groter dan bij normaal beheer gebruikelijk is, en zijn ze gericht op een voordeel dat het normale beleggingsrendement naar verwachting overstijgt? Dan kan sprake zijn van meer dan normaal vermogensbeheer. Het resultaat verhuist dan naar box 1. Daar wordt het belast als winst uit onderneming of als resultaat uit overige werkzaamheden.
Een harde grens bestaat niet. Het aantal uren, het aantal panden of de omvang van één verbouwing beslist niet op zichzelf. De aankoopintentie, de eigen kennis en betrokkenheid, de constructieve ingrepen, het vergunningentraject, het gelopen risico en het beoogde rendement kunnen samen gewicht krijgen. Juist die samenhang maakt de kwalificatie feitelijk en soms weerbarstig.
Vier transformaties werden projectontwikkeling
De rechtbank beoordeelde zeven panden afzonderlijk. Bij vier panden ging het werk veel verder dan het vernieuwen van een keuken of badkamer. Een voormalig woonhuis met garage werd na een vergunningstraject omgebouwd tot drie appartementen met bergingen. Een bedrijfsruimte met bovenwoning veranderde in twee woningen. Een kantoorgebouw werd getransformeerd tot drie winkels of bedrijfsruimten en elf appartementen, waarbij ook een extra woonlaag werd toegevoegd. In een winkel met woonhuis werden constructieve doorbraken en een aanbouw gerealiseerd.
Volgens de rechtbank waren dit naar aard en omvang projectontwikkelingsactiviteiten. Daarbij werd een rendement beoogd dat hoger lag dan bij normaal vermogensbeheer. Deze vier panden vielen daarom in box 1.
Voor de andere drie panden waren de beschreven werkzaamheden onvoldoende om die stap te zetten; die bleven in box 3. Voor ondernemers die zelf actief zijn in bouw- en vastgoedontwikkeling laat de uitspraak vooral zien hoe dicht bezit, verbouwing en onderneming bij elkaar kunnen komen.
Eerst per pand, daarna naar het geheel
De beoordeling verloopt in twee stappen. Eerst wordt per pand vastgesteld of de grens van normaal vermogensbeheer is overschreden. Een omvangrijke portefeuille wordt dus niet zonder meer als één blok naar box 1 verplaatst. Het ene pand kan door intensieve ontwikkeling in box 1 vallen, terwijl een ander pand uit dezelfde portefeuille in box 3 blijft.
Pas daarna komt de vraag aan de orde hoe de box 1-activiteiten moeten worden gekwalificeerd. Voor het onderscheid tussen winst uit onderneming en resultaat uit overige werkzaamheden worden de activiteiten rond alle panden die in box 1 vallen in onderlinge samenhang bekeken. Dat tweede oordeel gaat onder meer over duurzaamheid, organisatie, omvang, risico en ondernemerschap.
Box 1 geeft niet automatisch recht op ondernemersaftrek
In deze zaak stelde de belanghebbende dat zijn box 1-inkomsten winst uit onderneming vormden en geen resultaat uit overige werkzaamheden. De rechtbank volgde hem daarin. Dat was in zijn situatie gunstiger vanwege de zelfstandigenaftrek en de mkb-winstvrijstelling. De procedures betroffen aanslagen over 2014 tot en met 2017; de huidige bedragen en voorwaarden zijn anders.
Belangrijk is dat box 1 niet vanzelf toegang geeft tot deze faciliteiten. Voor de zelfstandigenaftrek moet je ondernemer zijn voor de inkomstenbelasting én aan het urencriterium voldoen. Voor de mkb-winstvrijstelling is ondernemerschap eveneens vereist. Wie alleen resultaat uit overige werkzaamheden geniet, kan deze ondernemersfaciliteiten niet toepassen.